Kennisevent: Van circulaire ambitie naar beweging in de keten
Circulaire versnelling begint waneer partijen leren van wat er al gebeurt
De ambitie om circulair te bouwen is er. Landelijk ontstaan kaders en kennis, regionaal groeien initiatieven en in de praktijk zoeken provincies en gemeenten naar hun rol. Waar haak je aan bij wat er al gebeurt? Waar pak je zelf initiatief? En hoe vertaal je circulaire ambities naar beweging die past bij jouw gebied?
Kaspar Buinink, DHM.
Die vragen stonden centraal tijdens het kennisevent Van circulaire ambitie naar beweging in de keten, dat DHM samen met Jelmer organiseerde op de Brooklyn Campus in Breukelen. Onder begeleiding van dagvoorzitter Kaspar Buinink gingen provincies, gemeenten, initiatieven en andere betrokkenen met elkaar in gesprek over circulair bouwen. En dan met name over de rol die je vanuit verschillende organisaties, situaties en perspectieven kan pakken.
De middag liet zien dat er al veel gebeurt. En dat werkt inspirerend. Tegelijk hangt beweging nog vaak af van mensen die initiatief nemen omdat zij het belangrijk vinden en de ruimte pakken om te beginnen. Het succes hangt dus erg af van één of enkele personen. Om circulariteit structureel te maken, is het daarom waardevol om ervaringen bij elkaar te brengen, lessen te delen en samen scherper te krijgen wat helpt om circulaire ambities verder te brengen.
Waarom deze middag?
DHM en Jelmer startten dit initiatief vanuit een herkenbare observatie: overal ontstaan initiatieven rond circulair bouwen en hoogwaardig hergebruik. Gemeenten en provincies zetten stappen, ketenpartners zoeken elkaar op en landelijke ontwikkelingen geven richting. Tegelijk zoeken veel partijen nog naar hun rol.
Dennis Grootenboer, adviseur circulair bouwen bij DHM, opende de middag vanuit die observatie. Hij liet zien wat DHM en Jelmer in het landschap zien ontstaan en waarom juist nu het gesprek tussen provincies, gemeenten en initiatieven belangrijk is.
Bij DHM en Jelmer geloven we dat verbinden nodig is om te kunnen verslimmen en versnellen. Daarom stond deze middag in het teken van leren van elkaar. Niet om inhoudelijk voor te schrijven hoe het moet, wel om praktijkervaringen te delen en elkaar inzicht te geven in wat al kan en wat werkt. Zo helpen alle deelnemers elkaar met concreet handelingsperspectief verder.
Wat is er in beweging?
Dick van Veelen, algemeen directeur van Meijs Ingenieurs & Uitvoering, gaf met een inspirerende presentatie inzicht in wat er in de bredere circulaire beweging allemaal al gebeurt. Vanuit zijn betrokkenheid bij onder andere koploperregio Noord-Holland Noord en Cirkelstad gaf hij tal van voorbeelden van succesvolle toepassingen van hergebruik.
Een belangrijk inzicht uit zijn bijdrage: beweging ontstaat nu vaak van onderop. Gemeenten, provincies of regio’s beginnen omdat iemand het onderwerp belangrijk vindt, ruimte pakt en anderen weet mee te nemen. Dat maakt de beweging krachtig, en tegelijk kwetsbaar. Want als circulaire versnelling te veel afhangt van toevallige inzet of persoonlijke gedrevenheid, blijft opschaling lastig.
Noord-Holland Noord laat zien dat beweging niet op één bestuurslaag hoeft te starten. Een coalitie van gemeenten kan zelf initiatief nemen en daarmee laten zien wat er mogelijk is. Uit die praktijk kwamen drie lessen naar voren: begin met doen, denk niet te klein en blijf communiceren.
Praktijk uit provincie en gemeente
Daarna verschoof de aandacht naar twee praktijkvoorbeelden.
Robert Hilgers, beleidsmedewerker circulaire economie bij Provincie Noord-Brabant, nam de aanwezigen mee in zijn aanpak rond hoogwaardig hergebruik van bouw- en sloopmaterialen. Aan de hand van een video werd zichtbaar hoe de provincie samen met partijen uit de keten werkt aan circulaire versnelling.
Robert liet zien dat je soms al kunt beginnen terwijl de bredere strategie nog in ontwikkeling is. Provincie Noord-Brabant werkt aan een aanpak voor materiaalhergebruik, en zet tegelijk stappen omdat de praktijk daarom vraagt. Juist door te doen, ontstaat zicht op wat werkt, waar energie zit en waar samenwerking nodig is.
In gesprek over wat werkt, schuurt en versnelt
Na de bijdragen gingen de aanwezigen in groepen uiteen. Vanuit hun eigen praktijk bespraken zij: Waarom neem jij initiatief? Wat helpt hierbij en waarbij loopt energie weg? En wat is nodig om van losse initiatieven naar echte versnelling te komen?
Daarna werden de belangrijkste inzichten plenair teruggekoppeld. De vier sprekers brachten de conclusies op het podium samen en deelden wat zij meenamen uit de gesprekken in de zaal.
De rode draad: initiatief nemen helpt om circulaire ambities een plek te geven. Laat je niet verlammen door de vele initiatieven die al spelen, maar gebruik deze juist als vliegwiel. De echte versnelling ontstaat wanneer al die initiatieven met elkaar worden verbonden. Door te leren van andere gebieden, aan te haken bij wat er al is en inzichten terug te geven aan landelijke ontwikkelingen.
Paneldiscussie met vl.n.r. Dick van Veelen, Lisette van Heijningen Korpel, Robert Hilgers en Dennis Grootenboer.
Van beweging naar vervolg
De middag maakte duidelijk dat circulaire versnelling begint met zien wat er al gebeurt. Provincies en gemeenten kunnen daarin een actieve rol pakken: door initiatieven op te zoeken, partijen bij elkaar te brengen, beleid te vertalen naar de praktijk en ervaringen verder te delen.
Tegelijk ontstaat de echte versnelling wanneer provincies, gemeenten en initiatieven hun krachten bundelen. Door samen te leren, elkaar te inspireren en waar mogelijk samen op te trekken, blijven goede voorbeelden niet op één plek. Inzichten kunnen tussen gebieden worden gedeeld én worden teruggebracht naar landelijke tafels, zodat praktijkervaringen ook bijdragen aan beleid en vervolgstappen richting Den Haag.
Tijdens de gezamenlijke reflectie werd daarom de behoefte uitgesproken om deze verbinding verder te stimuleren. Hoe dat precies vorm krijgt, wordt de komende periode door DHM, Jelmer en verschillende betrokken partijen verder verkend.
Deze middag voelde daarmee als een eerste stap naar iets moois: samenwerkingen waarin partijen kennis delen, elkaar versterken en samen ontdekken hoe circulaire ambities verder gebracht kunnen worden in de praktijk.
